De geschiedenis van de duiveluitdrijvers (leestip)
Ik ben ze in heel veel volksverhalen tegengekomen: priesters en paters die heksen ontmaskeren, duivels verdrijven en de strijd aangaan met weerwolven. Ijverig zwaaien zij met wijwaterkwasten, debatteren ze met spoken en enkele onder hen nemen zelfs een pistool ter hand om een heks uit een boom te schieten. In die verhalen zijn de pastoors echte helden en vertonen ze heel veel overeenkomsten met tovenaars. Ook de vertellers zelf zijn soms in de war, want een priester die met een grote vuurbol een storm de andere richting uit kan sturen, dat is ook wel een beetje griezelig.
Ik las deze week een interessant boek over de geschiedenis van het exorcisme van Kristof Smeyers en daarin kwam ik diezelfde dorpspastoors tegen. Deze types bestonden dus echt en ze gingen hun boekje zwaar te buiten. Officieel moest je als priester de toelating van een bisschop hebben om aan exorcisme te doen. Gewone parochiepastoors en bruine paters hadden helemaal niet het recht om duivels uit te drijven en toch deden ze het. Dat verklaart Smeyers door te verwijzen naar wat hij de "religieus-magisch-medische marktplaats" noemt: een kwestie van vraag en aanbod dus.
Er was in de jaren tussen de wereldoorlogen veel vraag naar ont-heksing, vooral ook omdat men heksen niet langer bij de rechtbanken kon aanklagen. Op die vraag speelden charlatans in. Zelfbenoemde tovenaars, overlezers en heksenmeesters boden, vaak tegen betaling, hun diensten aan om het kwaad te ontmaskeren en te verdrijven. Om te voorkomen dat hun beminde gelovigen in de handen van dit soort types zouden belanden, gingen de pastoors de concurrentie aan. Zo ontpopten zij zich volgens Smeyers ook tot lokale genezers die met kruidenmengsels, spreuken en rituelen er uiteindelijk voor wilden zorgen dat hun kudde bij elkaar bleef. Dat daarvoor enkele kunstgrepen en enig gevoel voor performance nodig waren, namen ze er graag bij. De grenzen tussen magie en religie, tussen geloof en bijgeloof vervaagden zo totaal!
Vanaf de jaren zestig van de twintigste eeuw komt daar een einde aan. De kerk stelt orde op zaken en reduceert het exorcisme weer tot de officiƫle leer: met toestemming van de bisschop en bij hoge uitzondering. Vanaf de jaren zeventig is dit fenomeen weer in opmars, en duiken er opnieuw heel wat duiveluitdrijvers op. Misschien kruisten ze jouw pad ook al eens?
Het boek Uitdrijven is vlot geschreven en neemt je mee langs wonderlijke objecten en magische gebeurtenissen, zoals een stenenregen in Wilsele en een heksenplaag in het negentiende-eeuwse Lier. Aanbevolen leesvoer dus!
De afbeelding komt uit het Rijksmuseum:
https://id.rijksmuseum.nl/200173052




Zeer interessant weer, ik leer nieuwe dingen van je! Zo leuk.
BeantwoordenVerwijderenGroetjes,
Wat leuk om te horen! Ik leer zelf ook van mijn wekelijks schrijfritme!
Verwijderen