De heilige van April is Ursmarus

Stel je even voor, je bent je bent de koning van het hemelrijk en je woont op een wolkentroon. Dat is bij tijden enorm plezierig, want altijd zon en zingende engelen in overvloed. Maar soms wil je ook wel eens communiceren met de aarde. Daar wonen immers mensen en die hebben af en toe wat bijsturing nodig. De vraag is alleen: hoe bereik je hen?
Je hebt daarvoor een aantal opties, ik som ze even voor je op:
- Je dondert, bliksemt of sneeuwstormt. Heerlijk om te doen, maar niet iedereen snapt meteen welke les ze daaruit moeten meenemen.
- Je zendt een witte duif (zie boven) die ideetjes kan influisteren. Werkt op individuele basis, maar die beestjes moeten nadien de weg terugvinden natuurlijk. Bovendien zijn er altijd lieden die er niet in geloven.
- Je stuurt een engel op een regenboog naar beneden. Dat valt enorm op met die vleugels, dat trompetgeschal en die stralenkransen: dan luisteren ze wel.
- Als het echt de spuigaten uitloopt, dan veroorzaak je een zondvloed. Drastisch, maar doeltreffend.
Tja
Theatermaken is wel echt een vak, dat je bovendien niet meteen in de vingers hebt. Dat blijkt wel uit het onderstaande débacle.
Worst case scenario
Dit verhaal gaat over een droom die tijdens een donkere nacht werd gestuurd naar een jongedame in Frankrijk. Doel: haar duidelijk maken dat ze de heilige Ursmarus ter wereld zal brengen, en dat ze hem moet steunen in zijn ambitie. Dit door hem natuurlijk goed en vroom op te voeden.Ouverture: Een lieflijk groen landschap met een stralend zonnetje, schattige schaapjes, en een knusse cottage, om de droomster gunstig te stemmen. Niet meteen met de boodschap komen, maar eerst even de sfeer zetten, lijkt een prima plan.
Eerste acte: de hoofrolspeler verschijnt op de scène: een oudere man met een baby op de arm. (Het idee is dat de droomster onmiddellijk zal begrijpen dat zij voor het kind moest zorgen, want zo’n grijze geleerde gaat zich daar niet mee bezig houden, dat snapt iedereen.) Kort nadien opent de droomster de deur van de cottage en stapt naar buiten. Het gesprek begint.
De oudere heer overhandigt haar de baby en een en wit brood. Hij vraagt daarbij ook nog eens expliciet of zij het kind wil voeden (je kan maar beter duidelijk zijn in dromen). Tot zover wordt het scenario netjes gevolgd, trouwens, niets op aan te merken.
Helaas antwoordt de droomster in kwestie een beetje vreemd. Ze twijfelt eerst of ze dan een bakkerij moet beginnen, en haar ondertoon is daarbij al wat scherp. De grijsaard stamelt en beetje, bladert in het script en kijkt vertwijfeld richting regiekamer. Vervolgens snauwt de jongedame dat dat wel lastig is hoor, zo’n kind voeden, midden in een hongersnood. Ze geeft de grijsaard baby en brood terug en maakt aanstalten om de scène te verlaten.
Paniek in de regiekamer, want die noodlottige graanoogst, daar had de hemelse koning nog niet eens bij stilgestaan. Maar hé, het gaat ook eigenlijk helemaal niet om het letterlijke brood, maar om het symbolische voeden van de geest. Hij besluit dan maar te improviseren en laat het brood op de scène rijzen tot gigantische proporties. Het groeit al heel snel boven de cottage uit en verplettert die: de dakpannen vliegen door de lucht, de deuren barsten uit hun voegen. Helder, toch?
Jammer genoeg wordt de vrouw daarop echt kwaad: “Waar moet ik nu wonen?”, tiert ze, en: “Wat voor een rare tovenaar ben jij?” De toneelmeester doet nog verwoede pogingen om het brood te laten krimpen, maar er is geen houden meer aan. O, help, denkt de regisseur, dan maar een
Zwart scherm
Even nadenken
Wachtmuziekje
Poging twee:
- Nieuw decor: Een blauwe lucht met prachtige zachte wollige wolken.
- Droomster: zweeft meditatief rond
- Baby komt op, nee, wacht, peuter komt op en neemt haar hand
Maar de droomster begint samen met de peuter vrolijk van wolk tot wolk te springen en salto’s te maken. Bijzonder plezierig om te zien, maar geen indicatie dat de boodschap echt doorkomt. Dus opnieuw improviseren, besluit de regisseur, die al wat spijt begint te krijgen dat hij niet gewoon een engel heeft gestuurd, maar soit.
![]() |
| Variant op de wolkenladder truuk |
Bij wijze van deus ex machina laat hij een touwladdertje uitrollen, helemaal van de bovenste wolk naar beneden. Dat verbaast de droomster meteen, en ze kijkt bovendien verbijsterd toe hoe de peuter met veel dramatiek de ladder opklimt. Ladder – naar de hemel- gouden treden: klaar als een klontje toch?
Eind goed, al goed, zo lijkt het even, tot de droomster in paniek schiet en de peuter van de ladder wil trekken. “Veel te gevaarlijk!”, roept ze. Natuurlijk bewijst ze daarmee wel dat ze de taak van opvoeder zou aankunnen, maar de symboliek heeft ze duidelijk nog niet beet. De regisseur verandert de peuter dan maar in een volwassen man, die haar droog uitlegt wat de bedoeling is.
Weg sfeer
Weg magie
Wel duidelijk
Doek!
(applausje en op naar de foyer)
Ursmarus werd enkele maanden later geboren en kon al meteen lopen. Hij was braaf, en lief en vroom, en deed enorm veel goede werken in de buurt van Lobbes. We vieren hem op 18 april, mede als beschermheilige van kinderen die niet snel genoeg leren lopen. Een bijzondere niche, dat wel, maar het komt heus wel eens van pas. Een dikke hoera dus voor Ursmarus en vooral ook voor zijn moeder die er ondanks alles toch voor is gegaan!
*****
Dit was een vrije improvisatie op dit snippertje.
Detail van annunciatie: https://id.rijksmuseum.nl/200139023
Dromend meisje: Шюблер с рис. И. Волкова, Public domain, via Wikimedia Commons




Reacties
Een reactie posten